Doorgaan naar hoofdcontent

Wennen

Het is moeilijk om mijn vermoeidheid van de afgelopen dagen niet te zien als een reactie op de afgelopen maanden, waarin veranderingen schering en inslag waren en alle vorm van structuur van buitenaf ontbrak.

Of het nou de tijd is of gewoon de grilligheid van mijn hersenletselsymptomen, het enige verstandige wat ik eraan kan doen is me erbij neerleggen. Dan maar even niet op de fiets naar werk, dan maar iets minder vaak hardlopen, dan maar even niet zoveel klusjes doen in huis, wat minder uren intensieve leuke dingen doen, en weer in de eerste versnelling. Oordoppen overal in, 's middags bijslapen, je dagen indelen en die structuur aanhouden...

Deze periodes, waarin ik opeens veel minder prikkels aankan, me overbelast voel en me daardoor ook veel meer zorgen maak, vind ik lastig. Hoe verklaar je dit op werk, en naar je vrienden toe? Hoe negeer je nieuws maar laat je mensen in hun waarde? Moet je niet juist méér bewegen? Kun je er wel op vertrouwen dat er weer een periode komt met meer energie?

Dat laatste gebeurde tot nu toe wel altijd. Juist als ik het even rustiger aan deed. Met weer meer structuur in het vooruitzicht (Ik ga een leuke creatieve cursus doen, bijvoorbeeld) heb ik ook wel het vertrouwen dat ik niet voor eeuwig in deze neergang blijf hangen.

Maar misschien is dat nog wel het moeilijkste aan chronisch ziek zijn, in mijn geval althans: dat je niet chronisch ziek bent. Dat je periodes kent waarin je je gezond voelt, fit, en dan opeens word je weer heel hard overvallen door alles waarin je ziekte je beperkt. En ik vraag me af of je daar ooit écht helemaal aan leert wennen.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Atelier

Voor de tweede keer ga ik op donderdagochtend aan de lange eettafel met het croissantjestafelzeil zitten. Dit keer heb ik een bezigheid van thuis meegenomen, want vorige keer zat ik te wachten tot iedereen binnen kwam. Ik doe ondertussen wat met mijn handen: ik brei verder aan een muts voor mijn neefje. Froukje tegenover me pakt iets uit haar tas: een 3D-breiring die ze thuis heeft gemaakt met haar printer om de vingers van handschoenen makkelijk te breien. Ze wil me zo ook wel de breimachine laten zien! Ik zeg dat ik dat heel lief vind, maar dat ik vandaag wat anders wil doen. Eigenlijk heb ik geen idee wat. Er is hier zoveel te doen. En ik weet nog niet wat ik zomaar mag pakken.  Maar als het busje met een paar andere deelnemers aankomt met Holly & Reinier, die ook uit mijn dorp komen en zijn opgehaald, zie ik al hoe dit gaat: begeleidster Elena vertelt aan Holly wat ze kan doen, ze heeft het blijkbaar nodig. We zitten nog wat, maar Reinier gaat juist gelijk het atelier in om...

Maart roert zijn staart, april doet wat-ie wil…

Ik hoor mezelf aan de telefoon zeggen ‘het is allemaal zo spannend nu’ en ik denk: nú? Het is al anderhalf jaar hartstikke spannend. En het duurt maar en het duurt maar. Vorige week wilde ik eindelijk weer eens een stukje schrijven. Over de helse maand die maart was geweest, en dat ik deze maand positief start met het afronden van een werkproject en positief eindig met een vakantie - ik had het stukje “Maart roert zijn staart, april doet wat ik wil” willen noemen. In de handleiding van ‘Lottes hersenletsel’ staat met dikke letters: structuur dient te allen tijde worden nagestreefd  en anticiperen moet je leren als je met Lotte wilt communiceren - nou ja, bij wijze van spreken dan. Er zijn nog steeds NAH-gespecialiseerde hulpverleners die daar hun handen aan branden. Die zonder vooraankondiging zeggen ‘oh ja, dit is onze laatste afspraak want je traject is afgelopen’. Die een vage inschatting van een vervolg geven, terwijl er een harde lijn bestáát. Ik was zelf ook geen b...

Flarden van een ziektebeeld

Ik wilde dat het nooit gebeurd was. Februari 2010, 21 jaar Al een aantal weken ben ik grieperig. Althans: een paar dagen per week heb ik knallende koppijn en ben ik koortsig, algehele malaise. Als donderslag bij heldere hemel is het op andere dagen voorbij. Ik werk aan de opzet van mijn scriptie, maar krijg er met zo weinig regelmaat geen vaart in. Ik lig op de bank in de woonkamer van mijn ouders. Het vriendje van mijn zusje lacht me uit. Het voelt ook wel een beetje gek: zoveel pijn hebben van het licht, dat je met een laken over je hoofd ligt. Alsof je zo uit het mortuarium gerold bent. Het daglicht is te fel, ik ben steeds gesloopt. Ik denk aan migraine, maar dat is het niet. Dat ken ik al. Dit niet. Ik zit naast mijn moeder in de auto, op weg naar de huisarts. Niet voor de eerste keer. Ik blijf maar spugen, er staat een vierkant geel Duplo-opbergemmertje tussen mijn benen. Als ik al mijn eten uit heb gespuugd, blijf ik overgeven. Gal, mijn ingewanden komen er haast uit....