Doorgaan naar hoofdcontent

Wie dan leeft, wie dan zorgt

Lesgeven met Lotte a.k.a. waarom hersenletsel in het onderwijs (voor mij) een no-go is

Als je in het onderwijs zit, weet je het zelf: elke dag is anders. Dat is leuk, maar mijn hersenen werken alleen optimaal bij extreem veel structuur. Of beter gezegd: ze moeten zich 10 slagen in de rondte werken als er iets anders loopt dan verwacht.
Een dag “eerder klaar met lesgeven” was fijn, maar eerder naar huis betekende weer bedenken wat ik dan ging doen, wat betekende dat ik op een moment dat ik al bekaf was, nog moest bedenken wat nu dan de nieuwe volgorde van bezigheden zou zijn en of ik me dan niet zou vergissen in wat er nog moest gebeuren, zag ik niet toch iets over het hoofd...? Dat werkte niet, waardoor ik juist op de dagen dat ik meer tijd voor mezelf had, thuis instortte, moe en gefrustreerd over het feit dat ik op zo'n dag juist mínder gedaan kreeg én dat het me niet lukte om te ontspannen als daar nu opeens tijd voor was...

Als je niet in het onderwijs werkt en je pubers dus alleen maar tegenkomt in het wild, weet je: die zijn druk. HEEL druk. Of heel rustig, maar dan heb je er gewoon geen last van en merk je ze niet op als zodanig. Nu waren mijn teacher skills wel dusdanig ontwikkeld dat ik in de klas enige orde en rust kon bewaren - dat kost ook energie, maar het meest vermoeiende is wel dat je ze om die in de hand gehouden les vervolgens op je hele werkplek veel drukker treft: hard lachend in de gang die je inloopt als je net klaar bent, schreeuwend op het plein als je naar buiten gaat. Als je pauze houdt en ze nog een vraagje hebben dat in de klas niet kon. Tijdens je tussenuur, in een groepje giechelend als ze iets in een postvakje willen hebben.

Ik kwam laatst in een museum een klas tegen. Ze waren relatief rustig, gedroegen zich voor een groep netjes en toch keken omstanders geërgerd. Een halfuurtje later zag ik ze zittend voor schilderijen zitten tekenen voor een opdracht, totale concentratie, even niet bezig met imago. Ik was vertederd en zei tegen mijn vriendin “kijk, zo kunnen ze ook zijn! Zo had ik ze vaak genoeg óók in de klas! Lief hè?!”

En mijn hart brak een beetje.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Atelier

Voor de tweede keer ga ik op donderdagochtend aan de lange eettafel met het croissantjestafelzeil zitten. Dit keer heb ik een bezigheid van thuis meegenomen, want vorige keer zat ik te wachten tot iedereen binnen kwam. Ik doe ondertussen wat met mijn handen: ik brei verder aan een muts voor mijn neefje. Froukje tegenover me pakt iets uit haar tas: een 3D-breiring die ze thuis heeft gemaakt met haar printer om de vingers van handschoenen makkelijk te breien. Ze wil me zo ook wel de breimachine laten zien! Ik zeg dat ik dat heel lief vind, maar dat ik vandaag wat anders wil doen. Eigenlijk heb ik geen idee wat. Er is hier zoveel te doen. En ik weet nog niet wat ik zomaar mag pakken.  Maar als het busje met een paar andere deelnemers aankomt met Holly & Reinier, die ook uit mijn dorp komen en zijn opgehaald, zie ik al hoe dit gaat: begeleidster Elena vertelt aan Holly wat ze kan doen, ze heeft het blijkbaar nodig. We zitten nog wat, maar Reinier gaat juist gelijk het atelier in om...

Maart roert zijn staart, april doet wat-ie wil…

Ik hoor mezelf aan de telefoon zeggen ‘het is allemaal zo spannend nu’ en ik denk: nú? Het is al anderhalf jaar hartstikke spannend. En het duurt maar en het duurt maar. Vorige week wilde ik eindelijk weer eens een stukje schrijven. Over de helse maand die maart was geweest, en dat ik deze maand positief start met het afronden van een werkproject en positief eindig met een vakantie - ik had het stukje “Maart roert zijn staart, april doet wat ik wil” willen noemen. In de handleiding van ‘Lottes hersenletsel’ staat met dikke letters: structuur dient te allen tijde worden nagestreefd  en anticiperen moet je leren als je met Lotte wilt communiceren - nou ja, bij wijze van spreken dan. Er zijn nog steeds NAH-gespecialiseerde hulpverleners die daar hun handen aan branden. Die zonder vooraankondiging zeggen ‘oh ja, dit is onze laatste afspraak want je traject is afgelopen’. Die een vage inschatting van een vervolg geven, terwijl er een harde lijn bestáát. Ik was zelf ook geen b...

Flarden van een ziektebeeld

Ik wilde dat het nooit gebeurd was. Februari 2010, 21 jaar Al een aantal weken ben ik grieperig. Althans: een paar dagen per week heb ik knallende koppijn en ben ik koortsig, algehele malaise. Als donderslag bij heldere hemel is het op andere dagen voorbij. Ik werk aan de opzet van mijn scriptie, maar krijg er met zo weinig regelmaat geen vaart in. Ik lig op de bank in de woonkamer van mijn ouders. Het vriendje van mijn zusje lacht me uit. Het voelt ook wel een beetje gek: zoveel pijn hebben van het licht, dat je met een laken over je hoofd ligt. Alsof je zo uit het mortuarium gerold bent. Het daglicht is te fel, ik ben steeds gesloopt. Ik denk aan migraine, maar dat is het niet. Dat ken ik al. Dit niet. Ik zit naast mijn moeder in de auto, op weg naar de huisarts. Niet voor de eerste keer. Ik blijf maar spugen, er staat een vierkant geel Duplo-opbergemmertje tussen mijn benen. Als ik al mijn eten uit heb gespuugd, blijf ik overgeven. Gal, mijn ingewanden komen er haast uit....